abonneren
article

De vijf

‘Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd’, zei mijn moeder altijd. Daar moest ik aan denken tijdens een wandeltocht door Drenthe. Ik heb veel uithoeken van de wereld gezien en op al die plekken natuurlijk de ‘must sees’ bezocht. Op safarireis in Afrika ontkom ik niet aan de ‘Big Five’. Vijf grote dieren die je geschoten moet hebben: olifant, luipaard, buffel, neushoorn en leeuw. Bij voorkeur met je camera. Het zijn de meest begeerde trofeeën van een Afrikareis. Wat maakt deze dieren tot de vijf groten van Afrika? Zijn ze zo bijzonder, groot, gevaarlijk, onberekenbaar, mooi en imponerend? Misschien wel, hoewel het nijlpaard de meeste menselijke slachtoffers maakt en de kleurrijke vlinders en vogels mij minstens zo diep imponeerden.

Naast de big five is er ook een small five voor je Afrikareis: olifantsmuis, buffelwever, leopardschildpad, mierenleeuw en neushoornkever. Die minuscule vijfjes zijn misschien wel net zo boeiend, belangwekkend of fascinerend.

Big Five spreekt tot de verbeelding. Staatsbosbeheer adverteert met de Vijf Grote Safari’s in Nederland. Op zoek naar edelhert, wild zwijn, zeehond, bever en ree. Big Five is ook de naam voor vijf uitgesproken persoonlijkheidskenmerken: emotioneel onbekommerd, extravert, gewetensvol, meegaand en open. Er zijn overigens allerlei variaties op deze benamingen in omloop.

Dan zijn er mijn jeugdherinneringen aan De Vijf, een boekenreeks van Enid Blyton over vier kinderen en een hond die allerlei mysteries oplossen. Vijf, een handvol, is kennelijk een aantal dat mensen aanspreekt. Op mijn wandeltocht door Drenthe ontdekte ik de bekoorlijkheden van het kleine. De mieren die mijn pad kruisen, vennetjes, vlinders, cafeetjes en pijpenstrootjes. Ik had tijd om stil te staan bij het kleine en het te eren. Dingen die mooi zijn, omdat ze zijn zoals ze zijn, geen innovatie nodig hebben. My best five.

Wat maakt Amsterdam. Rotterdam, Utrecht, Den Haag en Eindhoven tot de big five voor het onderwijs? Omdat ze groot zijn en er veel te beleven is? Zijn zij de meest onderwijsinnovatieve steden van Nederland? Lijkt me een willekeurige keus, met Amsterdam als meest noordelijke stad in de reeks. Er gaat toch nog wel iets boven Amsterdam? Zijn er ook nog andere plaatsen in Nederland interessant? Wat dacht je van ’t Woudt met 38 geregistreerde inwoners of Persingen, Fransum of Schokland? Bovendien, Groningen, Enschede, Zwolle, Leeuwarden of Alkmaar zijn toch ook steden van enige onderwijsimportantie?

Misschien is het minstens zo boeiend om naar de vijf kleinste schooltjes van Nederland te kijken. Hoe overleven zij? Hoe zorgen zij voor goed onderwijs en kunnen ze de toets der kritiek van de onderwijsinspectie doorstaan? Die schooltjes hebben beperkte financiële middelen, weinig mankracht en lang niet altijd moderne behuizingen. Plattelandsschooltjes ontberen een snelle internetverbinding, berichtten de media onlangs. Infrastructuur die zo hard noodzakelijk wordt geacht voor modern en kwalitatief goed onderwijs. Is het bestaansrecht en onderwijsinvulling van de kleine vijf niet minstens zo interessant als de intellectuele, bureaucratische speurtocht in het grootgrondgebied van de grote vijf, waar ‘defect’ de voorkeursstand is en hoognodig verbeteringen moeten worden doorgevoerd?

Persoonlijke aandacht gaat boven grootschalige, meeslepende onderwijsvernieuwing. Onze leerlingen, soms kleine kinderen nog, bouwen een toekomst waarvan ze nu nog onwetend zijn en waar wij, onderwijsmensen, op moeten anticiperen, aldus ‘Ons Onderwijs 2032’. Laten we ons concentreren op wat we nu hebben: onze leerling; the small one. Wat heeft die nodig om een gelukkig mens te worden? Investeer in aandacht en innoveer die waar nodig. Dan komt het opbouwen van die toekomst vanzelf goed.

blog comments powered by Disqus