abonneren
article
Tefke van Dijk
Tefke van Dijk
Nieuws

Ander pabo-onderwijs voor jongens, beter onderwijs voor iedereen!

Jongens leren anders dan meisjes. Wat kun je met die informatie? En hoe zorg je ervoor dat er meer meesters voor de klas komen? Om de pabo interessanter te maken voor mannelijke studenten heeft Fontys Hogeschool Eindhoven het lesprogramma voor eerstejaars omgegooid. Dat heeft geresulteerd in kwartaalopdrachten waarbij de studenten hun kennis etaleren in achtereenvolgens een digitaal tijdschrift, voorlichtingsfilm en blog. Dat blijkt goed te werken voor jongens. En voor meisjes.

“Waar meisjes relatief makkelijker reflectief werken, willen jongens meer uitdaging”, vertelt Dick Vrenssen, docent en fasecoördinator bij de pabo in Eindhoven. “In het eerste kwartaal van de propedeuse moeten onze studenten stilstaan bij de vraag wat een ideale leerkracht is. Wat doet hij, wat denkt hij, wat kan hij? Dat werken ze in groepen uit voor ieder vak op de basisschool: taal, geschiedenis, rekenen. Vervolgens gieten ze alles in een digitaal magazine, een thematijdschrift over De ideale leerkracht. Ze maken bijvoorbeeld pagina’s met ‘Tien tips voor goed leraarschap’ of ‘Een dag uit het leven van…’. Het is een compleet tijdschrift, inclusief puzzel en leuke weetjes.”

Eerstejaarsstudent Wesley Hansen (21) vindt het een goed begin om het eerste kwartaal te openen met het omschrijven van de ideale leerkracht. “Hierdoor heb je aan het begin van de opleiding meteen een beeld van wat je zelf belangrijk vindt. Het grote voordeel is ook dat je de theorie moet kennen om een opdracht goed te kunnen maken. Als je in het tijdschrift bijvoorbeeld tips wilt geven voor de beginnende leerkracht moet je eerst boeken lezen om aan deze tips te komen. Dat is een leuke manier van leren. Je gebruikt de kennis meteen, je leert met een reden.”

Successen vieren

Na tien weken beoordelen docenten de gemaakte tijdschriften. Van elke klas sturen zij het mooiste magazine door naar een jury. De juryleden bepalen welk tijdschrift het beste is. De winnende studenten krijgen een printversie van hun eigen magazine voor hun portfolio. “We willen studenten niet alleen functioneel en kwalitatief laten werken, maar we willen ook successen vieren”, aldus Vrenssen.

Het tijdschrift van Wesley werd verkozen tot de beste van de klas. “We hebben ons tijdschrift gemaakt in een groep van vijf mannen. Misschien hadden we niet de beste planning, maar dat was ook minder belangrijk. Het is een echt mannentijdschrift geworden. Dat zit hem vooral in kleine humoristische dingen, zoals een biertest en de rubriek Vrouw van de maand. We hebben alles bekeken vanuit het oogpunt van de man. Zo hebben we ook een verhaal over waarom er meer meesters in de klas moeten staan. We hebben goed gescoord. Veel mensen vonden het een mooi tijdschrift met goede artikelen, we hebben veel complimenten gekregen.”

Veel meer meester

Het is nu voor het derde jaar dat studenten aan het begin van de opleiding direct een tijdschrift moeten maken over de ideale leerkracht. Waarom heeft de pabo gekozen voor zo’n nieuwe aanpak? Vrenssen: “In het primair onderwijs werken relatief weinig mannen en als pabo willen we bijdragen aan de toestroom van mannen in het basisonderwijs. Het ministerie heeft ons een voortrekkersrol toegekend en we staan van daaruit aan de basis van het landelijke project ‘Veel meer meester’. In dit licht hebben we onderzoek gedaan naar het leren van jongens, vanuit een neuropsychologische insteek: waarin verschilt het brein van jongens en meisjes?”

De onderzoeksresultaten hebben geleid tot nieuwe ontwerpvereisten voor de kwartaalopdrachten. Vrenssen: “Jongens hebben veel meer behoefte aan structuur en uitdaging. Structuur vinden ze bij ons terug in de stappenplannen en we hebben uitdaging gezocht in betekenisvolle opdrachten. We willen onze studenten niet alleen cognitief uitdagen maar we willen ze ook actief betrekken én we willen multimedia integreren in het onderwijs.”

Minder taligheid, meer resultaat

Voorheen moesten studenten een verslag maken van hun bevindingen, ideeën en visies. Vrenssen: “De taligheid van het onderwijs zit jongens vaak in de weg. Om ze niet af te schrikken willen we niet dat ze uitsluitend talig en reflectief bezig zijn. De inhoud van het thema ‘De ideale leerkracht’ leent zich heel goed voor een tijdschrift. Het is geen complex medium en dat is goed.” Wesley denkt dat dit soort opdrachten goed zijn voor jongens. “Een grotere opdracht hoef je minder gestructureerd uit te voeren volgens een vaststaande planning en dat werkt voor mij in ieder geval beter. Nu maken we een film en dat gaat ook goed. Het mag allemaal wat anders zijn, dat is veel leuker dan standaardopdrachten.”

Ook medestudente Iris Klijssen (17) vond de eerste kwartaalopdracht heel leerzaam. “Vooral de samenwerking om één product te maken en het creatieve deel. Je moet de inhoud aantrekkelijk maken. Mijn moeder moet het ook kunnen lezen. Dat is anders dan feitelijk opschrijven en dat heeft zeker toegevoegde waarde: in het onderwijs moet je ook creatief kunnen zijn. Op de havo was ik gewend om in Word te schrijven, dat is vrij saai. Een tijdschrift is een leuke manier om je informatie anders te brengen, mooi opgemaakt.”

Succesvolle doorstroming

Het herschrijven van de opdrachten en eisen heeft goed uitgepakt: de evaluaties zijn tot nu toe erg positief. “Studenten zijn heel enthousiast. De waardering voor de drie kwartaalopdrachten in de propedeuse is nu gelijkwaardig bij jongens en meisjes. De laatste kwartaalopdracht is nog in de oude stijl, en die wordt door jongens ook meteen minder goed gewaardeerd dan door meisjes. Meisjes lijken wat dat betreft in het algemeen wat meegaander dan jongens.” Ook de accreditatiecommissie was ronduit enthousiast over de dynamiek die is ontstaan bij de opdrachten.

Door de nieuwe aanpak zijn zowel docenten als studenten heel betrokken en de kwaliteit van het werk is heel hoog. “In het hele hoger onderwijs zie je met name de laatste vijftien, twintig jaar duidelijke verschillen ontstaan tussen jongens en meisjes als het gaat om studiesucces. Die verschillen zijn ten nadele van jongens. Dat geldt voor het hoger onderwijs in het algemeen maar ook specifiek voor de pabo’s. Wij hebben ons als doel gesteld om die achterstand van jongens bij te trekken. Dat werpt zijn vruchten af: jongens stromen nu succesvoller door in de opleiding.”

Betere aansluiting op leerbehoefte

Het belangrijkste voordeel van de nieuwe werkwijze is en blijft dat het onderwijs beter aansluit op de leerbehoefte van jongens. “Het effect is breed: ons onderwijs is nu beter afgestemd op hele doelgroep, ook meisjes zijn enthousiaster. Over de vorm zijn we heel tevreden. We zijn nu bezig met de doorontwikkeling van het concept. De insteek blijft dat we jongens beter willen laten leren en daarvoor werken we het diversiteitsdenken verder uit. Het onderwijs blijft zich altijd doorontwikkelen.”

Meer weten?

Meer informatie over de verschillende leerbehoeften van jongens en meisjes? Kijk op veelmeermeester.nl. Een online tijdschrift maken kan via jilster.nl.

auteur: Tefke van Dijk

blog comments powered by Disqus