abonneren
article
Nieuws

Programmeren in de klas heeft een positief effect

Er zijn scholen die het aanbieden aan hun leerlingen: programmeren in de klas. "En dat is nog niet eens zo’n slecht idee", aldus hoogleraar Saskia Brand-Gruwel. Er zijn onderzoeken die laten zien dat programmeeronderwijs een positief effect kan hebben op 21e eeuwse vaardigheden, zoals computational thinking (ct), en het probleemoplossend vermogen van leerlingen. 

​Saskia Brand-Gruwel, hoogleraar Learning Sciences en decaan van de faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen van de Open Universiteit, heeft altijd al iets gehad met kinderen en de manier waarop zij leren. "Van huis uit ben ik leerkracht in het basisonderwijs. Daar is de basis gelegd voor mijn onderzoeksinteresses." Een van de meest recente onderzoeken van Brand-Gruwel is een opdracht van de Kennisrotonde naar opbrengsten van programmeeronderwijs. Tijdens de Onderzoeksconferentie van Kennisnet op 28 juni 2017 gaat Brand-Gruwel in op de resultaten.

Leren programmeren verandert manier van denken

In het onderzoek is in kaart gebracht wat leerlingen in het basis- en voortgezet onderwijs leren als ze les krijgen in programmeren. "Bij programmeeronderwijs zetten leerlingen allerlei vaardigheden in die te maken hebben met problemen oplossen", vertelt Brand-Gruwel. "Denk aan problemen in kleine stukjes opdelen, logisch denken en als-dan-redeneringen gebruiken. Feitelijk gaat het om de manier van denken die ook in de informatica wordt gebruikt. Dit wordt ook wel computational thinking genoemd: een belangrijke 21e eeuwse vaardigheid. Uit ons literatuuronderzoek blijkt dat leerlingen die programmeeronderwijs krijgen, vaardiger worden in computational thinking (ct)."

Problemen oplossen

Volgens Brand-Gruwel heeft programmeeronderwijs ook een positief effect op de algemene probleemoplossende vaardigheden van kinderen en jongvolwassenen. "Leerlingen die een tijdje programmeeronderwijs volgen zijn vaak beter in het oplossen van problemen." Een kleine kanttekening is dat het onderzoek naar dit thema kleinschalig is en nog behoorlijk in de kinderschoenen staat. "We zien dus wel degelijk effecten, maar eigenlijk is er meer onderzoek nodig om hier duidelijke uitspraken over te doen."

Toch zijn de resultaten van het onderzoek voor Brand-Gruwel reden genoeg om onderwijsprofessionals te adviseren werk te maken van programmeeronderwijs. "Het onderzoek laat zien dat leerlingen het leuk vinden. En het heeft een positief effect op de 21e eeuwse vaardigheden en het probleemoplossend vermogen van kinderen en jongvolwassenen. Eén en één is twee. Ga er dus mee aan de slag."

Programmeren opnemen in het curriculum 

Tegelijkertijd constateert de hoogleraar dat programmeren nog niet bepaald is ingeburgerd in het onderwijs. "Laat staan dat het is opgenomen in het curriculum. En besteden onderwijsinstellingen er aandacht aan, dan is het vaak hapsnap. Leerlingen krijgen bijvoorbeeld een aantal programmeerlessen - vaak in het kader van een themaperiode - maar daarna is het weer gedaan met het programmeren. En dat is jammer."

Hoe scholen programmeeronderwijs een boost kunnen geven? "Maak het onderdeel van je curriculum. Pak het bijvoorbeeld op met de bètasectie en zorg er daarna voor dat het ook in andere vakken aan bod komt. Belangrijk is dat je het combineert met vakinhoud."

Daarbij hoort ook professionalisering. "Wil je er echt voor gaan, dan moeten ook leerkrachten en docenten mee in de ontwikkeling. Het kan natuurlijk niet dat kinderen er meer vanaf weten dan de docent die hen programmeren moet bijbrengen. Kortom: er is werk aan de winkel."

Onderzoeksconferentie 2017

Saskia Brand-Gruwel was spreker op de Onderzoeksconferentie van Kennisnet waar zij dit onderwerp verder toelichtte.

blog comments powered by Disqus