abonneren
article
Brigitte Bloem
Brigitte Bloem

Trendwatcher Vincent Everts: "wil je als school écht meters maken, doe het dan cold-turkey"

Trendwatcher Vincent Everts is een veelgevraagd spreker en dagvoorzitter op onderwijsevenementen. Innovatie is de passie van deze zeer actieve videoblogger, steevast getooid met een vrolijk gekleurde colbert en dito bril. Hoe kijkt deze vader van twee basisschoolkinderen naar het Nederlandse onderwijs?

“Na de Denen zijn de Nederlanders het gelukkigste volk. We zijn heel gelukkig met ons persoonlijke leven. Op nationaal niveau is dat anders. Ondanks onze welvarendheid zijn we erg ontevreden over Nederland als geheel. We zijn negatief over de politiek, de economie, het onderwijs. Die ontevredenheid zorgt er wel voor dat we een drijfveer hebben om dingen te verbeteren. Veel moet anders, vinden we. Als we luisteren naar ‘de Nederlander’ dan doet ons onderwijs het slecht. Ook geven we er relatief weinig geld aan uit. Kijk je naar alle internationale lijstjes, dan doet ons onderwijs het eigenlijk best goed. Ik vind het goed om de kwaliteit van ons onderwijs te vergelijken met andere landen. Zo voorkom je tunnelvisie. Lijstjes meten de resultaten van je inspanningen. Je moet natuurlijk wel vergelijken met soortgelijke landen en bijvoorbeeld niet met China of Korea. Dat zijn landen met een volstrekt andere leercultuur.”

We hebben dus een drijfveer om ons onderwijs te verbeteren?
“De afgelopen honderd jaar hebben we tools ontwikkeld voor papier. Klassikaal, gestructureerd en dag voor dag te doen. Ga je naar een andere manier van werken, die past bij deze en de toekomstige tijd, dan heb je in de eerste plaats goede tools nodig. Met digitaal kun je van alles doen. Maar je kunt het ook helemaal fout doen. Als je het goed doet, heb je met behulp van digitale tools de mogelijkheid om ieder kind op het eigen niveau aan te spreken. Die digitale tools kun je zowel inzetten bij instructie, als bij het zelfstandig werken in groepjes en individueel. Als je dat goed doet, kun je de lesstof beter laten aansluiten bij de individuele behoefte van leerlingen en stel je persoonlijke leerlijnen samen. Wel blijft de vraag cruciaal of juist de kinderen die het toch al goed doen de winst van ict pakken. Of is die winst ook weggelegd voor ongemotiveerde leerlingen in de laagste regionen die er met de pet naar gooien?”

Dan hebben we het over gepersonaliseerd onderwijs, maar de groep die het het hardst nodig heeft, zou buiten de boot vallen?
“De ongelijkheid in de samenleving neemt alleen maar toe. Bij de inzet van ict in andere sectoren is het vaak ‘the winner takes it all’. Dat risico loop je ook bij ict in het onderwijs. Maar als we voldoende tijd spenderen om uit te vinden hoe adaptieve systemen voor álle leerlingen kunnen werken, dan zou je dat kunnen doorbreken. Daar zijn we zelf bij, maar daar moeten we als samenleving wel gericht aandacht aan willen schenken.”

Wat adviseer je scholen als ze willen innoveren?
“Denk goed na wat je als school wil. Het begint met een duidelijke onderwijsvisie. Vervolgens ga je op zoek naar passend materiaal én een kloppende infrastructuur. Zoek rolmodellen, goede voorbeelden. Als leraar en als school.
Toen ik van het concept van de Steve JobsScholen/o4nt hoorde, was ik als trendwatcher erg benieuwd of het zou gaan werken. Ik ben me erin gaan verdiepen en ik bezocht scholen die al volgens dit concept werkten. Elke school was weer anders, maar ik zag op al die scholen gemotiveerde leraren en vrolijke kinderen.”

Je werd zo enthousiast dat je eigen kinderen naar De Ontplooiing zijn overgestapt?
“Samen met mijn vrouw en met inspraak van onze kinderen hebben we besloten ze aan te melden bij De Ontplooiing. Vanaf de start van deze Steve Jobs/o4nt school in Amsterdam-West, opgericht door onder andere Maurice de Hond, gaan ze er met plezier naartoe. Ze kwamen van een montessorischool, die toch wel heel klassikaal te werk ging. We willen onze kinderen zelfstandig en kritisch leren denken. We willen dat ze leren presenteren, informatie leren opzoeken en al dat soort zaken. Maar we willen natuurlijk ook dat ze goed leren spellen, begrijpend leren lezen en leren rekenen. De SteveJobs/o4nt scholen willen het maximale halen uit de talenten van ieder kind. Ict helpt daarbij.”

Hoe wordt bepaald waar een kind aan toe is?
“De Ontplooiing werkt met tools en applicaties als Rekentuin en Taalzee, Young Einstein, Muiswerk en Kahnacademy. De leerlingen hebben tot op zekere hoogte de vrijheid om met de tools en applicaties te werken, waar ze zich prettig bij voelen. Elke zes weken hebben kind, ouders en leerkracht een gesprek over het persoonlijk ontwikkelingsplan van het kind. Dat is voor de leerkrachten een ‘hell of a job’, maar erg de moeite waard. Bovendien krijgt ieder kind dagelijks feedback waarmee het verder kan. Via de digitale tools en applicaties en van de leerkracht.”

Zou elke school zo kunnen werken?
“In hetzelfde pand als De Ontplooiing, maar dan een verdieping lager, zit basisschool De Toekomst. Al jaren een hele zwakke school. Niet populair bij ouders en niet populair bij leraren. In augustus zijn ze ‘bam’ in één klap overgegaan op het concept van de SteveJobs/o4nt scholen. Eerst wilde de directie het in etappes doen, maar veel leerlingen en leraren zagen het zó zitten, dat ze niet langer wilden wachten. Volgens de directie is de sfeer veel beter geworden, leraren en leerlingen zijn veel gemotiveerder. Nu is het spannend hoe de resultaten zullen zijn. Het duurt natuurlijk een tijdje voordat je daar wat zinnigs over kunt zeggen. Daarom is het zo handig dat we dat kunnen toetsen, bijvoorbeeld door de Cito-resultaten te vergelijken. Dan meet je hoe zo’n school het naar de normen van de samenleving doet. Als het SteveJobs/o4nt-concept op zo’n school werkt, dan werkt het overal, is mijn veronderstelling.
Wil je als school écht meters maken, doe het dan cold-turkey, is mijn advies. Kleine veranderingen per keer halen het niet en bloeden dood. Als je de systemen openbreekt, door bijvoorbeeld te zeggen tegen je basisschoolteam: ‘je hebt geen eigen klas meer, je geeft niet meer alle vakken en de kinderen kiezen of ze les van je willen hebben of niet’, dan open je die structuur. Het SteveJobs/o4nt-concept blijkt ook prima te werken bij scholen in andere delen van het land, die al jaren bestaan en de hele structuur in één klap omgooien.”

Waar ligt op dit moment de grootste behoefte van scholen die willen innoveren, denk je?
“Innovatie komt niet uit de grote groep. Zoek naar de helden binnen een organisatie, binnen een sector, binnen de beroepsgroep. Laat zien dat je die groep innovatoren belangrijk vindt. Ondersteun en faciliteer ze. Van de rest van de groep krijg je meestal de helft enthousiast. De andere helft moet je niet willen overtuigen. De tegenstribbelaars moeten dan weg. Je hebt best kans dat ze in een andere organisatie, een andere setting wél mee willen innoveren. Laat je ze zitten, dan wordt niemand daar gelukkig van.
Ik zie nog wel een belangrijk knelpunt. Ook bij de school van mijn kinderen. Ze werken met vele tools. Daardoor is er onvoldoende overzicht hoe ze ervoor staan. Elke leraar is nu een soort eenkoppig administratiekantoor die bij alle leerlinggegevens moet kunnen, van alle systemen en alle applicaties. De diverse dashboards zijn meestal niet gekoppeld aan de grote hoeveelheid leerdoelen. Daarbij hebben ze verschillende schalen en, nog belangrijker, nu moet je op allerlei verschillende dashboards kijken om een goed en eenduidig beeld per leerling te krijgen dat ook weer over te dragen is aan ouders en kinderen. Dat kan veel gemakkelijker en minder tijdrovend. We moeten dus toe naar standaarden.
Leerlingen, ouders en leraren zouden erg geholpen zijn met een centraal dashboard. Eén allesomvattend dashboard, waarop je voortdurend ziet hoe het met jezelf, je kind of je leerling gaat. De voorlijke scholen die al heel digitaal bezig zijn, zijn nu met Kennisnet en de PO-Raad aan het nadenken over zo’n systeem- en toepassingsonafhankelijk, allesomvattend standaard waarmee die dashboards gemaakt kunnen worden. Op zo’n centraal dashboard wordt de voortgang van leerlingen weergegeven aan de hand van landelijk vastgestelde leerdoelen, zodat leraren elke leerling ‘realtime’ kunnen volgen. Het zou goed zijn als de overheid hier ook een bijdrage aan kan leveren. Van droom naar werkelijkheid duurt alleen nog wel enkele jaren, verwacht ik.”

blog comments powered by Disqus