Spint kondigt zichzelf aan als

Spint kondigt zichzelf aan als ‘De methode Nederlands voor het vmbo’. Een prima initiatief. Er is duidelijk een markt voor methodes die zich specialiseren in het vmbo. Met name specifieke methodes voor basis en kader zijn erg gewild door docenten.

Sprint is projectgestuurd: de thema’s van de projecten zijn gemaakt om aan te sluiten bij de belevingswereld van de leerlingen. De makers verwachten dat hierdoor leerlingen in actie komen. Er is veel structuur voor de leerlingen, maar ook variatie en keuze in de opdrachten en werkvormen. De methode is geschikt voor leerlingen die moeite hebben met lezen en heeft dan ook een lage informatiedichtheid.

Werken met Sprint
Sprint werkt met opdrachtgestuurde projectkaternen: een serie invulkaternen met opdrachten, bronnen en [waar nodig] theorie. Elk katern heeft de vorm van een [thematisch] project en wordt afgesloten met een praktische opdracht. De katernen gaan uit van een doorlopende leerlijn en hebben een duidelijke structuur zodat leerlingen zelfstandig aan de slag kunnen.

Om aan de slag te gaan met Sprint, moet ik mij eerst aanmelden bij de site. Hiervoor heb ik twee dingen nodig: ik moet bekend zijn bij edupoort en ik moet een code voor Sprint zelf hebben. Gelukkig heb ik deze twee vereisten, dus na het registreren en uitzetten van de ‘pop-up blokker’ kan ik aan de slag. Het inloggen gebeurt via het ‘Smart-e’ concept van de uitgeverij. Een door Teletop ontwikkeld concept. Hoe leerlingen inloggen is afhankelijk van waar de school de boeken heeft besteld. Dit klinkt ingewikkeld maar is in de praktijk snel voor elkaar. Leerlingen doen dit soort dingen ook vele malen sneller dan docenten.

Het beginscherm geeft een overzicht van hoofdstukken, onderdelen en een kolom ‘wat moet je doen’. Dit is de studiewijzer van Sprint. Daar staan de digitale opdrachten in die horen bij de themaboekjes. Ik start opdracht 5; een te kijken fragment. Dit is een filmpje waar vervolgens een mening over gevormd moet worden, die de leerlingen hierna opschrijven in het boekje. Een andere opdracht is een link naar de site van ‘Willem Wever’. Dit werkt goed, maar het is altijd gevaarlijk externe sites te gebruiken. Je moet dan als maker vaak controleren of de links nog werken. Er wordt ook nog een webquest aangekondigd voor de vierde week van september. Ik heb de link op 28 september bekeken, maar deze was niet actief.  Jammer. Voor de rest werkt het prima. Er is een diversiteit aan opdrachten; kijkopdrachten, invulopdrachten, spelletjes enzovoort.

De opdrachten van Sprint doen een beroep op verschillende vaardigheden van leerlingen. En niet onbelangrijk, er wordt geregeld herhaald. De opdrachten zijn flexibel en geven genoeg keuzevrijheid voor de docent en de leerling. Er is een aansluiting bij de didactiek van het basisonderwijs. Op een voor leerlingen herkenbare manier wordt voortgebouwd op wat in het basisonderwijs is aangeleerd en dit geeft ze houvast in de toch al lastige overstap naar het voortgezet onderwijs.

Conclusie

De methode Sprint wil leerlingen uitdagen om keuzes te maken, initiatieven te nemen, kortom actief Nederlands te leren. 100% energie, 100% vmbo. Sprint houdt op allerlei manieren rekening met de manier van werken én de korte spanningsboog van vmbo-leerlingen. Ze leren dat wat ze nodig hebben voor hun werk, een vervolgopleiding of het leven van alledag. Er is bewust gekozen voor een combinatie van een cursorische leerlijn en projectgestuurd onderwijs. Sprint is actief oefenen, samenwerkend leren en zelfstandig werken. Met volop mogelijkheden om ict een centrale rol te geven of om Nederlands in beroepsgerichte vakken te integreren. Sprint sluit aan bij de ontwikkelingen in het vmbo [minder handen voor de klas, lesblokken van gevarieerd aantal minuten, verschillende lesroosters, projectonderwijs]. Het geeft de mogelijkheid tot gedifferentieerd werken in de klas. Leerlingen kunnen samen, in tweetallen, of in groepen aan opdrachten werken. Ook met de ict opdrachten. Een docent kan ook een inhaken op actuele inhoud aan een opdracht geven, mocht dat mogelijk zijn.

Internet

www.thiememeulenhoff.nl

Uitgever
Thiememeulenhoff

Prijs

Methode geboden

Inzet
vmbo

Systeemeisen
Besturingssysteem: Windows 2000/XP, Vista, Mac OSX
Multimedia PC met hoofdtelefoon of luidsprekers
Pentium IV processor of vergelijkbaar
256 MB Intern geheugen [512 MB wordt aangeraden]
Browser: Internet Explorer 6 of 7, FireFox 2.x
Flashplayer versie 9.x [of hoger]
Breedband internetverbinding
Adobe Reader [PDF] versie 7 [of hoger]
Word en Excel 2000 [of hoger]
Schermresolutie: 1024 x 768 pixels of beeldpunten

 bron: Vives november 2008